Selecteer een pagina

Naast mijn schrijverschap ben ik docent Engels. Een onderdeel van het lesprogramma bestaat uit het schrijven van een persoonlijk essay. Toen ik enige weken geleden de opdrachtspecifieke kenmerken introduceerde en de studenten op de hoogte bracht van hoe het essay geschreven en vooral gestructureerd diende te worden, maakte ik na afloop van de les, toen ik alleen in het leslokaal achterbleef en nog zat te herkauwen op wat ik zojuist had uitgelegd, in mijn gedachten een filosofische associatie tussen het schrijven van een essay en het leven zelf.

Ik had de studenten gewezen op de drie onderdelen: introductie, middenstuk en conclusie. De introductie vergeleek ik met een trechter: je begint breed, je cirkelt gestaag om je onderwerp heen om uiteindelijk uit te komen bij het centrale idee, ook wel thesis statement genoemd. Dat is meestal de laatste zin van de introductie. Het was het beeld van de trechter dat de associatie op gang bracht. 

Voor me zag ik mijn ouders: jong en verlegen toen ze elkaar ontmoetten en pas na een poos durfden ze elkaar te benaderen. Ze dansten om elkaar heen, met elkaar, zwierig op de buitenrand van de trechter. Ze dronken en lachten en maanden verstreken en ze hadden niet in de gaten dat ze tezamen afdaalden, naar de tuit van de trechter. Daar kwamen ze vast te zitten, voor altijd verbonden aan elkaar, tot het einde hunner dagen, want ik was gekomen. Vanaf dat moment schreven ze een aantal alinea’s gezamenlijk aan hun leven, als een soort van gesamtkunstwerk. Ik was het centrale idee van hun persoonlijke essay. Doorheen mijn kindertijd en jeugd leverden mijn noden en hun zorgen de stof voor de alinea’s uit hun middenstuk. En met het voortschrijden der jaren en zonder dat ik het echt besefte schreven ze elk apart aan een conclusie. 

Het is natuurlijk een vertekend beeld wat ik me voorstel. Alsof mijn ouders de auteurs waren van hun eigen leven. Als dat zo was, dan zouden ze er niet voor gekozen hebben om vroeg te sterven. We ondergaan het narratief van het leven. We hebben op dit moment nog maar weinig te zeggen over onze eigen conclusie, al is dat aan het veranderen. We hebben nog minder te vertellen over onze introductie in de wereld. Het midden is zowaar het enige stuk waar we iets kunnen doen aan wie we zijn of waar we kunnen handelen met gevolg. Ook al zijn essays in hun beregelde vorm misschien een afspiegeling van het keurslijf waarin de mens zich dagelijks bevindt, ze zijn geenszins gepast om het leven in al zijn rijkdom te vatten. En dat is wellicht waarom ik het essay minder interessant vind. 

In de wereld der schrijfvormen is er maar één die de vaart der dagen, de onvoorspelbaarheid, de stilstand, de caleidoscopische stroom aan indrukken en gevoelens in al zijn facetten kan vangen: de roman. Het is misschien te veel gevraagd om de studenten de opdracht te geven een roman te schrijven, maar zelfs een kort verhaal zou hen  dichter bij de essentie brengen dan een persoonlijk essay. Wat zou ik graag creatief schrijven introduceren aan de hogeschool waar ik Engels doceer.